pastorale zorg
“Draag elkaars lasten… ” Gal. 6:2a
“Wees goed voor elkaar en vol medeleven…” Ef. 4:32
“Beken elkaar uw zonden en bid voor elkaar, dan zult u genezen.“ Jac. 5:16
“Dus troost elkaar en wees elkaar tot voorbeeld.“ 1 Tess. 5:11
“Laten we opmerkzaam blijven en elkaar ertoe aansporen lief te hebben en goed
te doen.“ Hebr. 10:24
Bij het pastoraat in de OBG gaat het vaak om een proces waarin mensen tot een bepaald inzicht komen over gebeurtenissen in hun leven in relatie tot Gods evangelie. Daarbij speelt niet alleen ‘weten’ (inzicht) een rol, maar ook ‘ervaren’ (gevoel) en ‘willen’ (gedrag).
Bij pastoraat wordt herkenbaar en aanwijsbaar gewerkt aan: helen, bijstaan (zoals troosten en bemoedigen), begeleiden (door aansporen en toerusten) en verzoenen. We willen mensen helpen om a) hun persoonlijke situatie te leren zien en te leren ervaren in het licht en de lijn van Gods evangelie om zelfstandig geestelijk te kunnen functioneren en b) te leren handelen vanuit de Bijbelse waarheid.
Wie zijn betrokken bij het pastoraat
Binnen de OBG verzorgen diverse mensen/teams pastorale hulp. De bedieningsleider pastorale zorg coördineert het pastoraat in de gemeente, geeft leiding aan het pastorale team, en ondersteunt de leiders van het team voor gebedspastoraat (gebedsteams). Hij regelt het contact tussen gemeenteleden die verzoeken om pastorale hulp, verleent in een aantal gevallen zelf hulp, of verwijst door naar geschikte (professionele) hulpverleners.
De oudsten dragen de herderlijke verantwoordelijkheid voor de gemeente en haar leden. Zij dragen er zorg voor dat ieder gemeentelid groeit in zijn/haar geloofsleven, in de meest brede zin van het woord. Zij zijn dan ook betrokken bij het pastoraat in de gemeente, met name in hun rol van herders (overzicht houden) en zielzorg (geestelijke vragen). Maar bijvoorbeeld ook rondom huwelijk en overlijden (voorganger).
Welke vormen van pastoraat onderscheiden we
Schematisch zijn de vormen van pastoraat in de OBG als volgt weer te geven:

Algemeen onderling pastoraat (alle gemeenteleden)
Ieder gemeentelid kan ‘pastor’ zijn voor een ander gemeentelid. Gemeenteleden bieden elkaar via het onderlinge pastoraat basale pastorale zorg, zoals de namen en gezins-samenstelling van medeleden kennen, met elkaar meeleven, persoonlijke gesprekken etc. Deze zorg is niet gestructureerd maar vindt plaats rondom de eredienst, tijdens het koffiedrinken, gedurende gemeentelijke activiteiten en andere informele momenten waarop gemeenteleden contact met elkaar hebben.
Ondersteunende zorg (kringen/diaconaal team)
Ondersteunende zorg is een volgende ‘laag’ van pastoraat en kan bestaan uit diaconale of praktische hulp (b.v. bij verhuizing, klussen in huis of het invullen van formulieren). Ook valt hieronder het bijeenkomen in kringen, de bezoekgroep voor ouderen en huwelijksvoor-bereiding-gesprekken. Daarnaast kunnen lotgenotengroepen (praatgroepen) ondersteunende zorg bieden, zoals een bijeenkomst voor alleenstaanden, voor gescheiden gemeenteleden, of een cursus over opvoeding voor ouders.
Intensieve aandacht (pastoraal team)
In de gemeente zijn ook mensen met specifieke vragen of problemen, die onvoldoende beantwoord kunnen worden door het onderlinge pastoraat of vanuit de ondersteunende zorg. Te denken valt aan pasbekeerden, mensen die financieel of relationeel vastlopen, en de zorg voor de vreemdelingen/asielzoekers. Het betreft hier mensen die voor een korte periode een stukje extra aandacht nodig hebben. Deze intensieve aandacht is in principe één op één en kan worden gegeven door mensen van het pastorale team, maar ook door mensen met een bepaalde praktische of geestelijke bekwaamheid, passie of deskundigheid.
Langdurig gestructureerd pastoraat (pastoraal team en/of bedieningsleider pastorale zorg)
Dit is een vorm van pastoraat waarbij bepaalde problematiek door middel van een serie gesprekken behandeld wordt. Hierbij valt te denken aan huwelijkspastoraat, rouwverwerking, problemen voortkomend uit een ongezond zelfbeeld, burn-out, bevrijdingspastoraat etc. Dit is een niveau van pastoraat dat een grotere deskundigheid vereist en in de meeste gevallen gegeven wordt door de bedieningsleider pastorale zorg in samenwerking met het pastorale team.
Crisispastoraat (voorganger)
Dit is kortstondig pastoraat op moment van een crisis (door plotseling overlijden, uitzetting, ongeluk, brand, huiselijk geweld, relatieconflict, ernstige ziekte, opvoedingsproblemen etc.). Het belangrijkste voor dit pastoraat is dat er bij een crisissituatie iemand beschikbaar is die mensen kan bijstaan en eventueel doorverwijzen. Meestal zal dit de voorganger zijn.
Professioneel pastoraat
Professioneel pastoraat wordt gegeven door mensen die competent zijn om pastorale hulp te geven c.q. begeleiding te bieden in alle gevallen waarin bovengenoemd pastoraat niet (meer) kan voorzien. Hoewel we dit niveau van pastoraat ‘professioneel’ noemen, valt het binnen de verantwoordelijkheid van de gemeente. In die situaties zal de bedieningsleider doorverwijzen naar professionele (christelijke) hulpverlening.
